Bannerpkngww2

MEDITATIE

Een goed verhaal.

1 Jezus ging Jericho in en trok door de stad. 2 Er was daar een man die Zacheüs heette, een rijke hoofdtollenaar. 3 Hij wilde Jezus zien, om te weten te komen wat voor iemand het was, maar dat lukte hem niet vanwege de menigte, want hij was klein van stuk. 4 Daarom liep hij snel vooruit en klom in een vijgenboom om Jezus te kunnen zien wanneer hij voorbijkwam. 5 Toen Jezus daar langskwam, keek hij naar boven en zei: 'Zacheüs, kom vlug naar beneden, want vandaag moet ik in jouw huis verblijven.' (Lukas 19:1-5)

Een goed verhaal om over na te denken.

Het thema dit jaar binnen de PKN is een goed verhaal. Tomáš Halík schreef een boek over het verhaal van Zacheüs. Voor hem was dat een goed verhaal om kerkmensen te waarschuwen. In zijn boek wijst hij op Zacheüs in de boom zodat we hem niet over het hoofd zien.

Halík schrijft dat, zoals Zacheüs nieuwsgierig was naar Jezus, er nu ook mensen zijn die nieuwsgierig zijn naar Jezus. Zacheüs moest in een boom klimmen omdat hij anders door alle mensen niets kon zien. Vanuit de boom kon hij vanaf een afstandje bekijken wat voor iemand Jezus was en zo eerst “de kat uit de boom kijken”. Halík waarschuwt dat er nu ook mensen kunnen zijn die op afstand toekijken.

Dit is een prikkelend idee, vind ik. Allereerst omdat je teleurgesteld door de kerkverlating kunt denken dat er toch niemand is die nieuwsgierig is naar Jezus. Maar het zou dus zomaar kunnen zijn dat er iemand op afstand naar ons, de gemeente van Garrelsweer, Winneweer, Wirdum kijkt, zonder dat we het door hebben. Mij valt op dat in gesprekken met bewoners van Garrelsweer of Wirdum ik vaker interesse in mijn werk als predikant tegenkom dan weerstand tegen een dominee. Het zou zomaar kunnen dat daar iemand tussen zit die op zoek is naar meer.

De tweede gedachte die bij mij dan opkomt is, stel je voor dat er iemand nieuwsgierig naar ons kijkt, wat ziet hij dan? Ziet hij dan iets waardoor hij te weten komt wat voor iemand Jezus is? Zou “onze Zacheüs” uit zijn boom komen als wij hem roepen of zou hij al lang teleurgesteld naar huis zijn gegaan? Ik ben bang dat “onze Zacheus” niet zoveel kan zien. Veel van wat wij doen, doen we in het kerkgebouw of bij mensen thuis.

Ik ben ervan overtuigd dat als “onze Zacheüs” het zou kunnen zien, Hij Jezus zou kunnen herkennen. De liefde die Jezus had voor zieken en kinderen, is te herkennen in het bezoekwerk en jeugdwerk, waar zonder onderscheid iedereen aandacht krijgt. De liefde die Jezus had voor God, zijn Vader, is te herkennen in de erediensten. De hoop die Jezus geeft op een betere wereld is terug te vinden in de acties van de diaconie en in alles wat de kerkmensen aan hulp en inzet geven voor mensen om hen heen of ver weg.

Als “onze Zacheüs” het maar kon zien, dan zou het goed kunnen dat hij zo nieuwsgierig naar Jezus zou worden dat hij uit zijn boom zou komen als wij hem riepen en wij hem alle goede verhalen uit de Bijbel kunnen vertellen. Tenminste, als wij echt op Jezus lijken en hem binnenlaten ook als hij een tollenaar blijkt te zijn.

  1. Christel Minnaard

Bijbelverhalen getekend door de kinderen op de startzondag met vooraan een grote regenboog